Wat er veranderd is (en wat juist niet)

“Wat ga je doen na je studie?” Hoe vaak die vraag me de afgelopen maanden niet gesteld is… Dat krijg je als je een stage doet die niet 100% aansluit op je opleiding. Een plek waar mensen vragen bij stellen. En heel eerlijk: ik weet het antwoord niet. Ik vind zoveel dingen leuk, wil heel veel dingen doen en tegelijkertijd vraag ik me soms af waarom ik nu al een antwoord moet vinden op al die vragen. “Wat er veranderd is (en wat juist niet)” verder lezen

Gewoon Taal dus: dank je wel.

Soms komt er plots een vraag in me op. Iets wat ik al jaren op dezelfde manier doe, nooit anders heb gedaan en altijd precies hetzelfde schrijf. Een woord zoals ‘dankjewel’. Tot het moment dat ik me ineens afvraag of dat wel klopt. Dankjewel? Of dank je wel? Ik kan me voorstellen dat je er nog nooit over nagedacht hebt, maar als zoiets in mijn hoofd zit, heb ik een minuut later uitgezocht hoe het zit. Dat ik iets niet zeker weet, kan ik maar slecht hebben… “Gewoon Taal dus: dank je wel.” verder lezen

Gewoon taal dus: ik ben een kind van gemaar.

Scroll, scroll, scroll. Snel raas ik door mijn whatsappgesprekken.. Ja, ik kan ook de zoekfunctie gebruiken, maar dat bedenk ik pas halverwege het scrollen. Mijn ogen scannen vluchtig wat ze voorbij zien komen. Plots valt me iets op. Zo ongeveer de helft van mijn laatst gestuurde berichten begint met het woord ‘maar’. “Maar is er echt niets mogelijk?” “Maar het komt vast wel goed.” “Maar wat interessant!” Het gemaar houdt niet op. Conclusie: Ik ben een kind van gemaar geworden. “Gewoon taal dus: ik ben een kind van gemaar.” verder lezen

Gewoon taal dus: feitelijk gaat dit nergens over.

Heb je wel eens van die momenten dat je denkt: feitelijk zit er niets meer in. En dat je daarna denkt: nee, wacht, eigenlijk zit er nog wel wat in. En dat je je daarna bedenkt: had ik feitelijk en eigenlijk in die twee zinnen niet om moeten draaien? Nooit gehad? Dan komt dat waarschijnlijk omdat jij, net als ik, de woorden feitelijk en eigenlijk door elkaar gebruikt. Maar hoe moet het dan? “Gewoon taal dus: feitelijk gaat dit nergens over.” verder lezen

Gewoon taal dus: wat heb jij afgelast?

Voetbalwedstrijden, dagjes uit, concerten, fietstochten, raadsvergaderingen, buurtbijeenkomsten. De sneeuw zorgde afgelopen weekend voor veel problemen. De ene na de andere activiteit werd afgelast. Maar het grootste probleem: de verwarring over al die Nederlanders die dingen af moesten lassen. Want, wat ik dit weekend ontdekte, was dat dat dus vaak een taalfout is.

“Gewoon taal dus: wat heb jij afgelast?” verder lezen

Gewoon taal dus: Sinterklaasgedicht je mee?

Ja! December staat voor de deur! Gezelligheid, knusheid, cadeautjes, tradities, familiebezoekjes, fijn samenzijn, mooie verhalen en op dit moment mijn favoriete bezigheid: gedichten schrijven! Yes! Niemand zo enthousiast over Sinterklaasgedichten als ik. Dagen zou ik kunnen vullen met gedichten schrijven voor iedereen in mijn omgeving. Uitgebreide verhalen, flauwe grappen, kleine pesterijen: alles komt aan bod. Maar hoe schrijf je nou een leuk gedicht? Daarom in deze Gewoon taal dus: Sinterklaasgedichten. “Gewoon taal dus: Sinterklaasgedicht je mee?” verder lezen

Gewoon taal dus: Wouden zijn donkere bossen.

Soms vraag ik me af waar mijn enthousiasme over de Nederlandse taal vandaan komt. Ik ben vroeger niet bestookt met spreekwoorden, had geen juf die taal met leuke liedjes aanleerde op de basisschool en een echte talenknobbel… Frans, Duits en Engels zijn niet mijn sterkste punt zeg maar. Totdat een goede vriendin mij herinnerde aan iets van vroeger. Als ik voor de zoveelste keer ‘wilden’ verhaspelde naar ‘wouden’, zei mijn vader steevast: “Wouden zijn donkere bossen”.

“Gewoon taal dus: Wouden zijn donkere bossen.” verder lezen

Gewoon taal dus: Bemoei jij je met je eigenschappen.

Molens, nuchterheid, het koningshuis, kaas, de Elfstedentocht, democratie, stroopwafels, dijken, gedoogbeleid, Amsterdam, hagelslag, participatiesamenleving, tulpen: het schijnt allemaal te horen bij Nederland. Leuke weetjes, mooie stukjes, twijfelachtigheden, schitterende systemen, toeristische eigenschappen Allemaal een deel van het geheel dat we Nederland noemen. Maar mijn favoriete stukje Nederland is Nederlands. Taal. Want dat is zeg maar echt… het ding van Paulien Cornelisse. Maar ook ik kan enorm van taal genieten. Daarom vanaf vandaag, elke twee weken: Gewoon taal dus.

“Gewoon taal dus: Bemoei jij je met je eigenschappen.” verder lezen

Human Interest vreet tijd.

Laatst las ik een prachtig artikel, of nou ja, de helft van het artikel. Wachtend bij de kapper sloeg ik een tijdschrift open op een artikel van drie pagina’s. Een prachtig verhaal, maar ik heb het nooit helemaal kunnen lezen. “Moeten uw haren ook gewassen?” Tijdschrift dicht, verhaaltje klaar. En dat is eigenlijk altijd mijn probleem met mooie Human Interest-artikelen: Ik lees ze nooit helemaal.

“Human Interest vreet tijd.” verder lezen

Genoten van Jonas Jonasson, deel 3: Gangster Anders.

Ik las drie boeken van Jonas Jonasson en heb ervan genoten. De absurditeit van deze boeken, de enorme dosis fictie en toch het stille geloof dat het realiteit is. Deze Zweedse schrijver en journalist beschikt over een meesterlijke genialiteit, onovertroffen gevoel voor romantiek en een prachtige schrijfstijl. Tijd om hem een klein beetje te eren voor deze drie boeken. Na het eerste en het tweede deel, nu de laatste in de serie: Gangster Anders en zijn vrienden (en een enkele vijand).

“Genoten van Jonas Jonasson, deel 3: Gangster Anders.” verder lezen